Lees verder
Elektrische apparaten in Nederlandse huishoudens en bedrijven bevatten ruim 7 miljard kilo aan waardevolle grondstoffen, waarvan 764 miljoen kilo aan strategische en kritieke grondstoffen (Critical Raw Materials). Dat blijkt uit de Nederlandse Urban Mine analyse van Stichting OPEN, waarin voor het eerst Europese onderzoeksdata zijn doorgerekend naar de Nederlandse situatie. Het potentieel van Urban Mining als middel om minder afhankelijk van het buitenland te zijn voor kritieke grondstoffen is daarmee enorm. Hiervoor zijn alleen wel forse investeringen nodig in de ontwikkeling van nieuwe recyclingtechnologieën.
Stichting OPEN – in Nederland verantwoordelijk voor de inzameling en recycling van elektrisch afval – combineerde voor de analyse haar eigen gedetailleerde Nederlandse markt- en afvaldata met de inzichten uit het Europese FutuRam-onderzoek uit 2025 naar Urban Mining. Hierdoor is er nu een betrouwbaar, landelijk beeld van de Nederlandse Urban Mine beschikbaar. Kritieke grondstoffen zoals bijvoorbeeld koper, aluminium, neodymium of kobalt zijn essentieel voor groene technologieën, digitale infrastructuur en moderne defensiesystemen. En ze bevinden zich dus volop in al die miljoenen apparaten die in Nederlandse huishoudens en bedrijven aanwezig zijn.
Voorbeelden van volumes kritieke grondstoffen in Nederlandse apparaten:
• Koper: 240.841.000 kilo
• Aluminium: 341.026.000 kilo
• Neodymium: 1.106.000 kilo
• Kobalt: 2.148.000 kilo
Zie voor het complete grondstoffenoverzicht de Nederlandse Urban Mine Analyse (download onderaan)
Stichting OPEN: ‘Hét moment om te investeren in recyclingtechnologie’
Stichting OPEN directeur Jan Vlak: “In een gemiddeld Nederlands huishouden bevindt zich 688 kilo aan grondstoffen. We beschikken dus eigenlijk over een bovengrondse mijn, want dit gaat over vrijwel alle kritieke grondstoffen die we de komende decennia keihard nodig hebben in Europa. Het potentieel is dus enorm. De uitdaging is alleen dat veel van deze stoffen nog altijd moeilijk terug zijn te winnen. Daarom is dit hét moment om te investeren in nieuwe, hoogwaardige recyclingtechnologieën. Uiteindelijk is dat de enige manier om in de toekomst minder afhankelijk te zijn van grondstoffen uit het buitenland. Bovendien bouw je ook een strategische en economische voorsprong op als je over zulke technologie beschikt. Het betaalt zich op termijn dus dubbel en dwars terug.”
Europees perspectief: nog een wereld te winnen
De berekeningen van Stichting OPEN zijn gebaseerd op het Europese rapport The 2050 Critical Raw Materials Outlook for Waste Electrical and Electronic Equipment (2025), opgesteld door het door de EU gefinancierde FutuRaM-consortium. Dit onderzoek brengt in kaart hoeveel kritieke grondstoffen er gemiddeld in elektrische apparaten zitten. De hoeveelheid elektrisch afval in Europa groeit naar verwachting van 10,7 miljoen ton in 2022 naar maximaal 19 miljoen ton in 2050. Dat is bijna een verdubbeling. Maar zelfs als het volume stabiliseert, zal de concentratie van kritieke grondstoffen verder toenemen – bijvoorbeeld omdat er steeds meer zonnepanelen, EV-laders of servers in datacenters bijkomen. Een circulaire aanpak – met meer reparatie, hergebruik en ontwerp voor demontage – leidt tot meer grondstoffenbehoud en zorgt voor minder afval. Dat levert dus een dubbele winst op: minder milieudruk én meer strategische grondstoffenzekerheid. Met name dat laatste is – mede door de nieuwe geopolitieke realiteit in de wereld – actueler dan ooit. De EU-verordening Kritieke Grondstoffen bepaalt dan ook dat ten minste 25% van de strategische grondstoffen van de EU in 2030 afkomstig moet zijn uit recycling. Dat doel is nu nog heel ver weg, zo bleek begin februari 2026 uit een bericht van de Europese Rekenkamer. Op dit moment hebben bijvoorbeeld 7 van de 26 materialen die nodig zijn voor de energietransitie een recyclingpercentage tussen 1% en 5%, terwijl 10 materialen helemaal nog niet worden gerecycled. Er is dus nog een wereld te winnen.